Home is where the heart is

De eerste week op mijn nieuwe werkplek in Eindhoven zegt mijn collega: ‘Wat doe je hier?” “Ja, dat vraag ik mezelf ook af”, antwoord ik eerlijk. De terugkomst in Nederland na anderhalve maand bij Roberto valt me koud op mijn dak.

Letterlijk en figuurlijk heb ik het koud.

Na zes jaar intensief samen te hebben gewerkt met collega’s in Den Bosch, start ik nu in de universiteitsstad Eindhoven. Hij, wiens stad al jaren Eindhoven is, heeft zijn geboortegrond elders. Hij zou toch moeten weten hoe het is om een cultuurshock te hebben?

Nadat ik vertel over San Pedro als toeristentrekpleister zegt hij: “Waarom ga je daar niet in het toerisme werken, Sandra?” Het is nogal een stap om ver weg te gaan wonen. Als ik zeg, dat ze in San Pedro geen bibliotheek hebben, zegt hij: “Je hebt toch internet? Daar kun je alles vinden, wat je maar wil”. Ik weet dat hij gelijk heeft, maar het knaagt aan mij. Waarom?

Sinds ik ‘thuis’ ben, komen de muren in mijn stadje met het dorpshart, het prachtige Den Bosch, op mij af.

Ik voel me opgesloten. Ik mis de vulkanen. De openheid, ik mis mijn liefde.“Wat doe ik hier?”

Tijdens een opvoedcursus op mijn werklocatie word ik weer geconfronteerd met het niet thuis voelen. De gespreksleidster, die van Marokko naar Nederland gemigreerd is, zegt tegen de deelnemers, dat ze haar geboortegrond miste. “De muren kwamen op mij af, in Marokko was alles open en wijds, maar ik heb geleerd om de kleine dingen te waarderen” Ik herken het gevoel wat zij heeft.

Het lijkt wel of ik totaal losgerukt ben van de grond waar ik wil zijn, met wie ik wil zijn. “Wat doe ik hier?”

De kou heeft maanden in mijn lichaam gezeten en wordt versterkt door het teruggetrokken leven wat mensen hier in het winterse Nederland leiden. Ik voel het tot aan mijn werkomgeving waar onbekenden en bekende collega’s ieder in hun hokjes, de kantoren van de verschillende afdelingen, hun werk verrichten. Het is voor mij pijnlijk zichtbaar in het pand, waar ik drie dagen per week ben. Ik voel dat mensen geen verbinding zoeken. Soms is er zelfs geen hallo. Mensen komen en gaan. Waar gaan ze heen? Ik heb geen enkel idee. Ik blijf bij  mezelf door elke keer te groeten:

“Hallo, wie ben jij? Ik ben Sandra Verkuijlen. Wat doe jij precies?”

Ook val ik in de armen van mijn oude vertrouwde collega, die ook in Eindhoven is komen werken. Warme verwelkomende handen houden mij vast. 

Een maand later ben ik bij een markeringsweekend van mijn homie in Lochem. Alleen al door buiten te zijn, voel ik de tranen opkomen en tuur ik de verte in. Mijn hart doet echt pijn. Eenmaal terug binnen, starten we met lichaamswerk. Door de energie voelt mijn lijf zich warm en het enige wat ik nog kan doen, is huilen. Wat zegt je hart?, vraagt de vrouw die mij een behandeling geeft. “Dat ik daar wil zijn, met hem.” Zij antwoordt zonder naar mijn situatie te vragen: “Ook daar zul je weer nieuwe mensen ontmoeten.” 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.